top of page
Zoeken

De gevangenis van “niet passen”

  • Foto van schrijver: Denise de Haan
    Denise de Haan
  • 9 feb
  • 4 minuten om te lezen

Waarom je je nergens écht thuis voelt (en hoe dat ontstaat)


Er is een soort pijn waar bijna niemand taal voor krijgt. Je bent niet overduidelijk mishandeld. Niet zichtbaar verwaarloosd. Er is geen spectaculair trauma-verhaal dat je kunt aanwijzen. Op papier was het “prima”. En toch voel je je een soort zwerfkat. Een identiteit die zegt: ik hoor nergens écht bij..


Niet echt.

Niet in dat gezin.

Niet in die vriendengroep.

Niet in die relatie.

Niet op dat werk.


Soms niet eens in je eigen leven.

Dit gevoel van niet passen is geen karaktertrek. Het is meestal een oud overlevingsmechanisme. En als je het niet begrijpt, blijft het je leven sturen.



Hoe het gevoel van “er niet bij horen”


Het begint zelden met iets groots. Het begint subtiel.

Misschien waren je ouders niet hard of gewelddadig. Misschien deden ze wat ze konden. Maar ergens werd jouw vorm niet volledig gespiegeld. Je gevoelens werden wel gehoord, maar niet echt gevoeld. Je temperament werd bijgestuurd. Je lichaam becommentarieerd. Je karakter bijgeschaafd.


“Doe normaal.”

“Stel je niet aan.”

“Waarom ben je zo gevoelig?”

“Kun je niet gewoon wat socialer doen?”


Dat zijn geen klappen. Maar het zijn wel correcties die zich opstapelen.

Een kind kan maar één conclusie trekken:

niet mijn omgeving kan mij niet dragen, maar: er klopt iets niet aan mij.


En daar ontstaat schaamte.

Niet oppervlakkige schaamte. Maar diepe identiteits-schaamte. De schaamte die zegt: als ik écht mezelf ben, raak ik verbinding kwijt.


Voorwaardelijke liefde en het ontstaan van aanpassen


Een kind kan zich geen afwijzing permitteren. Verbinding is overleven. Dus als je voelt dat bepaalde delen van jou afstand oproepen, ga je je aanpassen.


Je leert iets gevaarlijks: liefde krijg je als je voldoet.


Als je vrolijk bent.

Als je sportief bent.

Als je presteert.

Als je niet lastig bent.

Als je past in het script.


Maar als je te gevoelig bent, te intens, te slim, te traag, te druk, te anders? Dan voel je afstand.

Dus je ontwikkelt een versie van jezelf die wel welkom is.

Misschien werd jij de sterke. Of de grappige. Of de zorgende. Of de slimme. Of de sexy. Of juist de stille die geen ruimte inneemt.


Je ontwikkelt een antenne voor de ruimte:

wat wordt hier gewaardeerd?

Wat moet ik zijn om erbij te horen?


En zo raak je langzaam los van jezelf. Millimeter voor millimeter.


Waarom je steeds opnieuw in dezelfde dynamiek terechtkomt


De behoefte om ergens bij te horen is biologisch. We zijn hechtingswezens. Dus als je thuis niet volledig kon landen, ga je zoeken.


Een vriendengroep.

Een sportclub.

Een religieuze gemeenschap.

Een relatie.

Een business school.

Een community.


En in het begin voelt het vaak als thuiskomen. “Hier hoor ik.” Tot je merkt dat ook hier voorwaarden bestaan.

Je hoort erbij zolang je meedoet.

Zolang je niet te kritisch wordt.

Zolang je niet te veel jezelf bent.

En op het moment dat je afwijkt, voel je het meteen. Die oude steek. Zie je wel. Ik pas niet.


Wat hier gebeurt, is wat we bij complex trauma vaak zien: je zenuwstelsel herkent wat het kent. Dus je kiest onbewust systemen die lijken op vroeger. Omgevingen waar je moet presteren. Relaties waar je moet pleasen. Groepen waar je moet scannen.

En elke keer bevestigt dat je oude overtuiging: ik hoor nergens echt bij.


De imposter: zelfs als je wél geaccepteerd wordt


Het ingewikkelde is dat het gevoel van niet passen intern wordt. Zelfs als je in een gezonde groep zit. Zelfs als mensen je oprecht accepteren.

Dan nog kan het fluisteren: als ze mij echt kennen, lig ik eruit.


Dus je blijft net iets aanpassen. Net iets sterker doen. Net iets minder behoeftig lijken. En omdat je maskeert, voel je geen echte verbinding. En omdat je geen echte verbinding voelt, bevestigt dat je oude overtuiging.


Dit is de gevangenis.

Niet passen is geen situatie meer. Het is een interne staat geworden.


Schaamte en het lichaam: “ik bén het probleem”


Voor veel mensen zit deze pijn ook in het lichaam.

Te dik.

Te dun.

Te groot.

Te klein.

Te vroeg ontwikkeld.

Te laat.

Te onhandig.


Kinderen kunnen genadeloos zijn. En als thuis niemand zegt: “Er is niets mis met jou”, dan landt afwijzing direct in je identiteit.


Dan wordt het niet: ik werd gepest.

Maar: ik bén het probleem.


En dan probeer je je buitenkant te fixen. Je lichaam te verbeteren. Je uitstraling te optimaliseren. In de hoop dat je dan wel gekozen wordt.

Maar zolang de schaamte niet wordt aangeraakt, blijft het gevoel van imposter bestaan.


Waarom isolatie niet werkt


Veel mensen reageren op deze pijn met terugtrekken.


“Dan heb ik niemand nodig.”

“Ik doe mijn herstel wel alleen.”


Maar isolatie is geen oplossing. We genezen niet alleen. We genezen in veilige verbinding.

En dat is spannend, want als je systeem heeft geleerd dat echtheid gevaarlijk is, voelt verbinding als risico.

Toch ligt daar precies de sleutel.


De kern: het was geen persoonlijk falen


Bijna altijd komt het hierop neer: je voelde je niet volledig geaccepteerd om wie je was.


Niet in je temperament.

Niet in je gevoeligheid.

Niet in je verschillen.


Dus concludeerde je: ik moet anders zijn om erbij te horen.


Maar hier zit de paradox: hoe meer je je aanpast om erbij te horen, hoe minder je je werkelijk verbonden voelt. Want het is niet jij die erbij hoort. Het is je masker.


Hoe doorbreek je het gevoel van “niet passen”?


De uitweg is zelden spectaculair. Het begint niet bij een perfecte nieuwe groep. Niet bij jezelf nóg beter maken.

Het begint bij dit besef: dit was een overlevingsstrategie. Je bent niet stuk!


En dan:

  • Kleine stukjes authenticiteit oefenen.

  • Een mening uitspreken zonder jezelf te verontschuldigen.

  • Een grens aangeven.

  • Stoppen met jezelf verkopen voor verbinding.

  • Verduren dat echtheid in het begin onveilig voelt.


Je zenuwstelsel moet leren dat afwijzing niet onvermijdelijk is. Dat echtheid niet levensgevaarlijk is. Dat jij niet fundamenteel verkeerd bent.

Misschien is het gevoel van niet passen geen bewijs dat jij defect bent. Misschien is het het litteken van een omgeving die jouw unieke vorm niet kon dragen.




 
 
 

1 opmerking


Y. Yung
Y. Yung
11 feb

Dank je wel voor deze post. Kwam precies op het goede moment.

Like

  • TikTok
  • Instagram
  • Facebook
  • LinkedIn

©2025 Denise de Haan Personal Coaching

bottom of page